Nederland bindt strijd aan met te lage arbeidsproductiviteit Ontwikkeling

16-07-2026

Nederland bindt strijd aan met te lage arbeidsproductiviteit

Sinds 2017 nam de arbeidsproductiviteit in Nederland gemiddeld met 0,3% per jaar toe. Een percentage dat niet voldoende zal zijn om de welvaart en publieke voorzieningen voor huidige en toekomstige generaties te waarborgen. Daarvoor is een groei van 1,5% nodig. Het kabinet heeft daarom de strijd met die te lage arbeidsproductiviteit aangebonden. Afgelopen vrijdag werd akkoord gegeven voor de tweede Productiviteitsagenda die moet leiden tot een nog beter opgeleide beroepsbevolking, een flexibelere arbeidsmarkt en meer innovatie.  

Een toename van de productiviteit zorgt ervoor dat werkgevers en werknemers hetzelfde werk sneller of eenvoudiger kunnen uitvoeren, of met een gelijkblijvende inspanning een beter resultaat kunnen behalen. Meer mensen inzetten om de productiviteit te verhogen is ook een manier, maar omdat Nederland te maken heeft met een lage werkloosheid en een bevolking die steeds grijzer wordt, is het niet mogelijk om nog (veel) meer werkuren te maken. 

De tweede Productiviteitsagenda bevat 6 speerpunten:  

1. Een goed opgeleide beroepsbevolking

Het kabinet wil zorgen voor onderwijs dat beter aansluit op de arbeidsmarkt. Basisvaardigheden moeten het fundament vormen, met veel aandacht aan digitale vaardigheden en mogelijkheden om een leven lang te leren. 

2. Een goed functionerende arbeidsmarkt

Via de onlangs opgerichte regionale werkcentra dienen werkgevers en werknemers elkaar makkelijker te gaan vinden. Bestaande hindernissen voor werkgevers moeten verlaagd of verwijderd worden en aan flexwerkers moeten nog meer zekerheden worden geboden. 

3. Verdere digitalisering, innovatie en adoptie

De regering gaat zich inspannen om nieuwe innovatieve methodieken te helpen ontwikkelen. Er wordt momenteel gewerkt aan een nieuw agentschap voor disruptieve innovaties (NADI). De investeringen in R&D liggen in Nederland namelijk veel lager dan in de ons omringende landen. Bedrijven krijgen ondersteuning bij het implementeren van nieuwe technologieën. 

4. Een sterkere interne markt

Met andere landen van de Europese Unie wordt gewerkt aan regels die voor alle bedrijven in de unie gelijk zijn. Het moet het makkelijker maken grensoverschrijdend te werken en met elkaar te concurreren. 

5. Eenvoudigere toegang tot financiering 

Startende bedrijven, scale-ups en het mkb kunnen gemakkelijker aan financiële middelen komen. Dat kan via de nog op te richten Nationale Investerings Instelling (NII) en via een Europese samenwerking voor durfkapitaal.  

6. Slagvaardige overheid en minder regeldruk 

Het kabinet gaat regels voor huishoudens en ondernemers schrappen of vereenvoudigen. De dienstverlening wordt gebruiksvriendelijker gemaakt en er wordt onderzocht hoe de overheid zelf slimmer en eenvoudiger kan werken. 

Op 1 augustus gaat de Productiviteitsraad van start. Die zal de regering gaan adviseren over de te zetten stappen binnen de Productiviteitsagenda.